<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Postgraduaat Multimedia &#38; Communicatie</title>
	<atom:link href="http://www.participatiemedia.be/feed" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.participatiemedia.be</link>
	<description>Sociaal en participatief gebruik van nieuwe media</description>
	<lastBuildDate>Thu, 15 Dec 2011 09:13:44 +0000</lastBuildDate>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=3.1.2</generator>
		<item>
		<title>Schrijf je nu in voor het Postgraduaat 2012</title>
		<link>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/schrijf-je-nu-in-voor-het-postgraduaat-2012</link>
		<comments>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/schrijf-je-nu-in-voor-het-postgraduaat-2012#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 14 Dec 2011 13:54:34 +0000</pubDate>
		<dc:creator>laura</dc:creator>
				<category><![CDATA[Postgraduaat]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.participatiemedia.be/?p=1703</guid>
		<description><![CDATA[Vanaf 31 januari 2012 starten we met de nieuwe reeks lessen van het Postgraduaat. Deelnemers kunnen zich nu inschrijven door contact op te nemen met laura.braspenning@khlim.be. Media spelen een steeds belangrijkere rol in de samenleving en creëren nieuw potentieel voor &#8230; <a href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/schrijf-je-nu-in-voor-het-postgraduaat-2012">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a rel="attachment wp-att-1716" href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/schrijf-je-nu-in-voor-het-postgraduaat-2012/attachment/schermafbeelding-2011-12-14-om-14-46-48-2"><a rel="attachment wp-att-1717" href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/schrijf-je-nu-in-voor-het-postgraduaat-2012/attachment/schermafbeelding-2011-12-14-om-14-46-35-3"><img class="alignleft size-full wp-image-1717" title="Schermafbeelding 2011-12-14 om 14.46.35" src="http://www.participatiemedia.be/wp-content/uploads/Schermafbeelding-2011-12-14-om-14.46.352.png" alt="" width="238" height="353" /></a><img class="size-full wp-image-1716 alignnone" title="Schermafbeelding 2011-12-14 om 14.46.48" src="http://www.participatiemedia.be/wp-content/uploads/Schermafbeelding-2011-12-14-om-14.46.481.png" alt="" width="238" height="352" /></a></p>
<div>
<p>Vanaf 31 januari 2012 starten we met de nieuwe reeks lessen van het Postgraduaat. Deelnemers kunnen zich nu inschrijven door contact op te nemen met laura.braspenning@khlim.be.</p>
<p>Media spelen een steeds belangrijkere rol in de samenleving en creëren nieuw potentieel voor verschillende sectoren. Maar het effectief benutten van deze mogelijkheden ligt in de praktijk moeilijker.</p>
<p>Het postgraduaat stelt deelnemers in staat om hedendaagse media op een sociale, communicatieve en participatieve manier te gebruiken, aan de hand van de uitwerking van een zelf geïnitieerd project in de eigen organisatie. Door middel van 6 verschillende modules worden je handvaten aangereikt om een project vorm te geven en te implementeren in je eigen organisatie. Docenten en gastsprekers bieden doorheen het jaar input en feedback op je individuele project.</p>
<p>Download de flyer van het Postgraduaat voor meer informatie hier: <a rel="attachment wp-att-1719" href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/schrijf-je-nu-in-voor-het-postgraduaat-2012/attachment/pg-2012-2">PG 2012</a>.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
</div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/schrijf-je-nu-in-voor-het-postgraduaat-2012/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Mapping met game elementen &amp; Wireframing</title>
		<link>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/mapping-met-game-elementen-wireframing</link>
		<comments>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/mapping-met-game-elementen-wireframing#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 07 Jun 2011 14:05:26 +0000</pubDate>
		<dc:creator>laura</dc:creator>
				<category><![CDATA[Postgraduaat]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.participatiemedia.be/?p=1673</guid>
		<description><![CDATA[In deze les van het Postgraduaat gaan we eerst verder werken op onze mapping waar we vorige les al mee gestart waren. Vandaag wordt er echter een &#8216;spel&#8217; of &#8216;game&#8217; element aan de mapping toegevoegd. Aan de hand van theorie &#8230; <a href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/mapping-met-game-elementen-wireframing">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a rel="attachment wp-att-1674" href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/mapping-met-game-elementen-wireframing/attachment/game-mapping"><img class="alignleft size-medium wp-image-1674" title="game &amp; mapping" src="http://www.participatiemedia.be/wp-content/uploads/game-mapping--300x225.jpg" alt="" width="300" height="225" /></a>In deze les van het Postgraduaat gaan we eerst verder werken op onze mapping waar we vorige les al mee gestart waren. Vandaag wordt er echter een &#8216;spel&#8217; of &#8216;game&#8217; element aan de mapping toegevoegd. Aan de hand van <a title="PPT les 4 Game-Spel" href="http://participatiemedia.wikispaces.com/Participatieve+Methoden+en+co-creatie" target="_blank">theorie van de vorige les</a>, waarin diverse interessante voorbeelden van spellen en spelelementen zijn voorgesteld, gaan we in 2 groepen aan de slag.</p>
<p>Een eerste stap om zelfstandig een spel te ontwikkelen, bijvoorbeeld in cocreatie met jongeren, is het gezamenlijk maken van een mapping, om zo het participatieve proces te starten. Eerst moeten daarvoor de basis elementen in kaart worden gebracht; welke inhoud, welke mensen, welke gebruikers, online of fysiek?<span id="more-1673"></span> Dit deel kan oftewel met een representatieve groep jongeren samen gebeuren, maar ook is het mogelijk dat je dit deel bijvoorbeeld eerst voorbereid in samenwerking met je projectpartners of -groep.</p>
<p>Stel dat het uitgangspunt aanvankelijk een fysiek spel is. Met de basiselementen ga je zoeken hoe kan ik spelelementen toevoegen. Of hoe kan ik rollen inbrengen? Stapsgewijs kijken hoe je de spelelementen kan introduceren. Aan de mapping ga je dan game-element toevoegen. En zo via &#8216;trial and error&#8217; steeds een nieuw element toevoegen.</p>
<p>Voor het ontwikkelen van een dergelijk spel is een goede projectplanning noodzakelijk; met je projectteam kan je  vervolgens heel veel testen doen, gewoon door zelf te spelen. Elk elementje dat je toevoegt moet je uitgebreid testen. Het is interessant om met de groepen samen te werken, samen te ontwerpen. Maar het is een illusie om vanaf nul met je doelgroep te gaan samenwerken. Je moet je dus in participatieve projecten zeer goed voorbereiden, de basisinhoud uittekenen. Deze  basiscomponenten; vaak is dat slechts je projectomschrijving, daar ga je mee aan de slag. Een beetje sturing is geen probleem, je vertrekt immers vanuit een bepaalde visie op wat je wilt bereiken met je project, of in dit geval je spel. Dus je mag ervoor zorgen dat die visie verwerkt is in je basiscomponenten.</p>
<p>Om een volgende stap te zetten in de ontwikkeling van de verschillende mappings gaan de groepen met elkaars mapping aan de slag. Doel is om enerzijds het spel van elkaar te testen, maar gelijkertijd ook interessante elementen van elkaars spel te ontdekken elkaars spellen te verbeteren.</p>
<p>Het vertalen van een metaniveau naar een spel dat gespeeld kan worden door verschillende jongeren is niet evident. Het blijft lastig om een spel te ontwikkelen waarin jongeren geprikkeld worden over een zinvolle subsidieregeling na te denken, zonder heel theoretisch of saai te worden. Bij teveel spelelement blijkt het echter lastig om toch nog op een metaniveau te blijven, zonder puur op projectniveau te vervallen.</p>
<p>Interessant aan de ontwikkelde spellen is om te zien dat bij de ene groep het spelelement en de humor veel plaats heeft gekregen, maar dat daar een onderliggende structuur nog mist. Bij de andere groep is het tegengestelde het geval: een zeer gestructureerd spel, maar wat daardoor teveel  vasthoud aan de theoretisch basis. Na het omruilen van de mappings tussen de groepen blijkt het echter lastig om snel de schakeling te maken om verbeteringen door te voeren in elkaars spellen, zelfs blijkt het wat frustrerend om niet op het eigen verhaal door te kunnen werken, maar door te moeten werken op elkaars formats. De conclusie is echter wel dat in beiden game/mapping veel waardevolle elementen aanwezig zijn die in een juiste mix tot een interessant spel zouden kunnen leiden.</p>
<p>Tot slot wordt er nog een extra element geintroduceerd door Huybrechts dat ingezet kan worden bij  designprocessen. En dus ook aan onze game/mapping. Zij laat aan de hand van verschillende voorbeelden zien dat het zinvol kan zijn om aan bepaalde objecten of rollen ook verhalen/stories te hangen. Klik op <a title="PPT Stories" href="http://participatiemedia.wikispaces.com/Participatieve+Methoden+en+co-creatie" target="_blank">deze link</a> voor de presentatie. Hoe je die verhalen brengt, daar zijn tricks voor, om zo de participatie te bevorderen. Deze methode wordt vaak gebruikt om bijvoorbeeld de leefwereld van jongeren te leren kennen. Voordeel van het toevoegen van narratieve elementen is dat mensen gelijk mee zijn in het project, zonder een lang theoretisch verhaal te moeten vertellen. Verschillende ontwerpers passen deze methodiek in hun werk toe.  In de powerpointpresentatie stelt Huybrechts een aantal verschillende projecten voor waarin de meerwaarde van design met een narratief of verhalend element wordt toegepast. Een belangrijke meerwaarde van narrativiteit is dat het dingen tastbaar maakt in een vroeg stadium en daardoor is het interessant om in te voeren in de mappings waar we momenteel aan werken.</p>
<p><strong>Usewell &#8211; Introductie in Wireframing</strong></p>
<p><a rel="attachment wp-att-1691" href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/mapping-met-game-elementen-wireframing/attachment/wireframing-5"><img class="alignleft size-medium wp-image-1691" title="wireframing" src="http://www.participatiemedia.be/wp-content/uploads/wireframing4-225x300.jpg" alt="" width="225" height="300" /></a>Door het ziekvallen van een van de docenten van het postgraduaat, wordt het tweede deel ingevuld door een van de onderzoekers van de MAD faculty: Andrea Wilkinson. Het was heel fijn dat grafisch ontwerper en onderzoeker Andrea Wilkinson last minute hiertoe bereid was. Andrea stelt zich tot doel om de deelnemers van het postgraduaat in een klein uurtje in te leiden in de wereld van Wireframing. Aansluitend gaan de deelnemers zelf aan de slag, als testgroep en cocreators van Usewell.</p>
<p>Usewell is een onderzoeksproject waarin een tiental verschillende collaboratieve technieken die ingezet kunnen worden in participatieve designprocessen worden verzameld en ontsloten voor een publiek van ontwerpers, studenten, onderzoekers en cultuurprofessionals, &#8230;</p>
<p>Ze zijn op zoek naar een wijze waarop de diverse bestaande technieken inzichtlijk gemaakt kunnen worden voor mensen en er een hulpmethode kan worden ontwikkeld dmv een online platform en webtool om gemakkelijk keuzes te maken voor een techniek die past bij je doelstellingen en mogelijkheden.</p>
<p>De deelnemers aan het postgraduaat, als potentiele eindgebruikers, worden uitgedaagd om een interface mee te ontwerpen voor deze website. Dit alles draait om de visualisatie van informatie. Een logisch gegeven voor een grafisch ontwerper, voor vele andere beroepsgroepen echter niet. Aan de hand van alledaagse voorbeelden laat Andrea echter zien dat visualisaties dagdagelijks worden gemaakt door ons allemaal. Een treffend voorbeeld is het laten uittekenen van een routebeschrijving van de C-mine Genk naar je huis. Wil je dat iemand bij jouw feestje aankomt, dan teken je een duidelijke route, met aanduiding van de belangrijkste landmarks, en maak je dus gebruikers gericht design.</p>
<p>Het is belangrijk om je te realiseren dat de &#8216;mapping&#8217; tool vooral ingezet wordt als een manier om een discussie te visualeren en ook te voeden. De mapping is te begrijpen door de mensen die betrokken zijn bij de mapping, want alle elementen staan in relatie tot de specifieke context van de mapping. Een wireframe daarentegen geeft meer informatie, ook aan mensen die niet bij de oorspronkelijke brainstorm activiteit aanwezig waren.</p>
<p>Na de theorie gaan we in deze les ook zelf aan de slag met een het opstellen van een Wireframe.</p>
<p><a rel="attachment wp-att-1692" href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/mapping-met-game-elementen-wireframing/attachment/wireframing-2-3"><img class="alignleft size-medium wp-image-1692" title="wireframing 2" src="http://www.participatiemedia.be/wp-content/uploads/wireframing-21-300x225.jpg" alt="" width="300" height="225" /></a>De deelnemers in het Postgraduaat worden nu zelf uitgedaagd om als &#8217;gebruikers/users&#8217; samen te werken aan de ontwikkeling van de website van Usewell en mee te denken over de vormgeving en interface van deze website. Naast een interessante introductie met wireframing, is deze oefening gelijk een goed om te ervaren hoe het is om aan een participatief ontwerpproces deel te nemen.</p>
<p>De volledige presentatie van Adrea Wilkinson vindt u <a title="Presentatie" href="http://participatiemedia.wikispaces.com/Participatieve+Methoden+en+co-creatie" target="_blank">hier</a>.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/mapping-met-game-elementen-wireframing/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Projectdossier &#8211; toelichting en speeddates</title>
		<link>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/projectdossier-toelichting-en-speeddates</link>
		<comments>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/projectdossier-toelichting-en-speeddates#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 26 Apr 2011 22:31:26 +0000</pubDate>
		<dc:creator>laura</dc:creator>
				<category><![CDATA[Postgraduaat]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.participatiemedia.be/?p=1665</guid>
		<description><![CDATA[Tijdens deze les van het Postgraduaat starten we met een korte sessie over de eigen projecten. Laura Braspenning overloopt samen met de deelnemers de criteria waar de projecten van de deelnemers aan moeten voldoen. Op basis van die criteria wordt &#8230; <a href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/projectdossier-toelichting-en-speeddates">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Tijdens deze les van het Postgraduaat starten we met een korte sessie over de eigen projecten. Laura Braspenning overloopt samen met de deelnemers de criteria waar de projecten van de deelnemers aan moeten voldoen. Op basis van die criteria wordt vervolgens een korte speeddate sessie georganiseerd waarin de deelnemers elkaar coachen om de individuele projecten verder aan te scherpen, vorm te geven en uit te diepen. De criteria van het projectdossier en vragen van de speeddate vinden jullie <a href="http://participatiemedia.wikispaces.com/Project%20Lab" target="_blank">hier</a>.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/projectdossier-toelichting-en-speeddates/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Performatieve Methoden &#8211; Liesbeth Huybrechts</title>
		<link>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/performatieve-methoden-liesbeth-huybrechts</link>
		<comments>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/performatieve-methoden-liesbeth-huybrechts#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 26 Apr 2011 14:00:21 +0000</pubDate>
		<dc:creator>laura</dc:creator>
				<category><![CDATA[Postgraduaat]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.participatiemedia.be/?p=1652</guid>
		<description><![CDATA[Liesbeth Huybrechts start deze les met een korte terugkoppeling van de observatieoefening van vorige les. Een deelnemer geeft aan dat hij door middel van zijn observaties nu beter ziet waar hij als organisatie tekort schiet. Op dit hiaat inspelen is &#8230; <a href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/performatieve-methoden-liesbeth-huybrechts">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Liesbeth Huybrechts start deze les met een korte terugkoppeling van de observatieoefening van vorige les. Een deelnemer geeft aan dat hij door middel van zijn observaties nu beter ziet waar hij als organisatie tekort schiet. Op dit hiaat inspelen is echter lastig, maar wellicht wel een goed startpunt voor een eigen project. Een andere deelnemer zag zich door de observaties in haar organisatie juist gesterkt dat zij de bezoekers graag laten doen ook in de werkelijkheid gebeurd.</p>
<p>Vervolgens schetst Liesbeth Huybrechts kort de context van performatieve technieken. Dit ter inleiding van de workshop met onze gastspreker Saul Albert uit Londen. Besproken wordt waarom performance een interessante tool is om toe te passen in participatieve omgeving/context. <span id="more-1652"></span>Het is een techniek die nog voor veel mensen onbekend is. Centraal staat het inzetten van je lichaam/gestalte in een creatief proces. Omdat je hierbij de grens van het bekende overschrijdt, kan deze techniek een grote impact hebben op mensen. De techniek van ‘performance’ wordt veel ingezet bij brainstorms. Nadeel van de techniek is dat het geen fysieke resultaten oplevert, zoals bijvoorbeeld bij paper prototyping wel het geval is.  Het is proces gericht. Daarom is deze techniek vooral geschikt om toe te passen in begin van processen/onderzoek.</p>
<p>In documentaires wordt performance veel gebruikt. Het wordt gebruikt om een story te vertellen; het visualeren van een concrete situaties. Een voorbeeld is de documentaire ‘the boy who sees without eyes’. Documentaire; deels echt, maar ook delen geënsceneerd in deze documentaire. Ze visualiseerden hoe hij zou zien, om dit inzichtelijk te maken voor ziende mensen. Een ander voorbeeld is Supersize me. In deze documentaire visualiseert en beleeft de documentaire maker het zelf:  om zo te laten zien hoe een dagelijkse situatie waar je niet bekend mee bent zou zijn.</p>
<p>Een belangrijke inspiratiebron voor veel kunstenaars en ontwerpers is Augusto Boal; hij speelt sociale situaties (die concreet voorgekomen zijn in de fabriek) na voor de echte arbeiders. Arbeiders kunnen zelf gaan meespelen met de acteurs. Dit wordt ingezet als een manier om mensen zelf een stem te geven om hun eigen situatie te verbeteren. Deze methodiek wordt ook toegepast in design. Bijvoorbeeld met interface theatre; een speler is de button, een ander is het screen, tot dat de interface in orde isà alternatief voor paperprototype. Een variant daarop is de frozen image; designers spelen concrete werksituaties na. Bijvoorbeeld het proces van het monteren van een auto.  Arbeiders becommentariëren de acteurs om zo een goede reflectie van hun werksituatie of werkproces te geven. Een variant hierop is de informance; waarin een mix van informatie en performance wordt toegepast. Tot slot bekijken we nog de design improvisation techniek.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/performatieve-methoden-liesbeth-huybrechts/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Workshop Performance &#8211; Saul Albert</title>
		<link>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/workshop-performance-saul-albert</link>
		<comments>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/workshop-performance-saul-albert#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 26 Apr 2011 13:07:28 +0000</pubDate>
		<dc:creator>laura</dc:creator>
				<category><![CDATA[Postgraduaat]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.participatiemedia.be/?p=1654</guid>
		<description><![CDATA[Saul Albert toont ons aan dehand van verschillende werkenvan zijnhand zijn ontwikkelingvan beeldende kunst naar meer performatieve vormenvan kunst. Bovendien heeft hij zich na zijn kunstopleiding toegelegd op een studie electric enginering. Hij heeft zich bezig gehouden met de ontwikkelingvan &#8230; <a href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/workshop-performance-saul-albert">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a rel="attachment wp-att-1655" href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/workshop-performance-saul-albert/attachment/saul-albert"><img class="alignleft size-full wp-image-1655" title="saul albert" src="http://www.participatiemedia.be/wp-content/uploads/saul-albert.jpg" alt="" width="300" height="300" /></a>Saul Albert toont ons aan dehand van verschillende werkenvan zijnhand zijn ontwikkelingvan beeldende kunst naar meer performatieve vormenvan kunst. Bovendien heeft hij zich na zijn kunstopleiding toegelegd op een studie electric enginering. Hij heeft zich bezig gehouden met de ontwikkelingvan nieuwe infrastructuren voor spellen/games. Een voorbeeld dat hij toont is een badminton court waarbij de spelers worden uitgedaagd zelf spellen en spelregels te ontwikkelen voor het bijzondere spelgrid. Saul Albert is vooral geïnteresseerd in experimentele sociale infrastructuren. Zo ontwikkelde hij een eigen universiteit, een bibliotheek, een eigen munteenheid, … . A summit, een samenkomstvan hobbyisten, designers, engineers in Engeland was het startpuntvan een experimentele omgeving, free networks, freegeodata, open hardware, etc.</p>
<p>Saul Albert benadrukt het belang om in te grijpen op de dagdagelijkse praktijk; geld, postzegels, bibliotheek, universiteit. Juist in die niet artistieke contexten/werelden, ipv in het theater zelf, ligt zijn  interesse om sociale ingrepen te doen. Hij wijst erop dat niet iedereen zich immers comfortabel voelt in een theater. Echter juist in desetting van deperformance theaters van Londen is, in samenwerkingmet Mikey Weinkove, de idee voor de Talkaoke Table ontstaan. <a rel="attachment wp-att-1656" href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/workshop-performance-saul-albert/attachment/talkaoke"><img class="alignleft size-medium wp-image-1656" title="talkaoke" src="http://www.participatiemedia.be/wp-content/uploads/talkaoke-300x199.jpg" alt="" width="300" height="199" /></a><span id="more-1654"></span>Een setting waarin mensen wel willen praten; wat is er aan de hand, waarom gebeurt dit? Gebruik van ongemak van mensen, hetoncomfortabele gevoel van mensen wordt ingezet om gesprekken te starten. Ze ontdekten dat er een honger was voor zo’n soort activiteit. Vanuit daar zijn ze gestart met hetbouwen van infrastructuren waar de publieke opinie in de publieke ruimte een plek krijgt ; <a href="http://theps.net/" target="_blank">The People Speak</a></p>
<p>Momenteel is Saul Albert bezig met een PhD onderzoek rond ‘conversatie’.  Hijmaakt gebruik van eencombinatie van etnografische methodes, computer modelling, etc. In deze les gaan we met elkaar verkennen wat conversaties zijn, waar conversaties voor gebruikt worden, wat een goede conversatie maakt, en of je en goede conversatie kan creëren. Dieper inzicht in wat een conversatie is kan benut worden in decommunicatie van je organisatie en in het gebruik van diverse sociale media platforms.</p>
<p>Vervolgens gaan we aan de slag met de workshop van Talkaoke. We krijgen eerst de 10 regels om eengoede Talkaoke Show te hosten en gaan vervolgens van start.</p>
<p>How to host a talkaoke? Ten rules:</p>
<p>1 no theme; be open for different things.</p>
<p> Stroman// stoodge (=iemand die je secretly in hetaudience hebt gezet; zo kan je een thema pushen)</p>
<p>2 create an atmosphere;</p>
<p>3 rememberpeople’s names if you can</p>
<p>4 keep people inviting in and explaining what’s going on; summerizing</p>
<p>5 only listing to people who sit down (otherwise they will start shouting)</p>
<p>6 get things slightly wrong, ask stupid question</p>
<p>7 repeat repetitive people points, then move on</p>
<p>8 look around, see what interests people (looks at face/body language)</p>
<p>9 amplify conflict and controversy</p>
<p>10 get personal (if people are not really talking, bring up personal stories, personal opinions)</p>
<p>Naar aanleiding van de praktijkoefening merken de deelnemers van het postgraduaat dat de balans vinden tussen enthousiasmeren van publiek, maar tegelijkertijd voldoende aandacht en ruimte geven aan alle deelnemers rond de Talkaoke tafel, soms een lastige oefening is. Ook het creëren van voldoende diepgang in de conversatie en het tegelijkertijd toegankelijk en interessant houden voor alle deelnemers is niet gemakkelijk. Interessant is hoe goed het performatieve aspect van de host en setting werkt; hetwerkt enthousiasmerend en laat de deelnemers aan de talkshow zich op zijn gemak voelen. Bovendien kan op een humoristische wijze het debat worden gevoed en aangewakkerd vanuit desetting van de Talkaoke. Interessant gegeven is dat tijdens onze workshop eenvan de deelnemers uit de groep de host is, daardoor krijg je eeninteressante dynamiek, zonder dat je een tweedeling krijgt van experts en anderen.</p>
<p>Na afloop van de workshop krijgen we nog eenoverzicht van andere projecten van Saul Albert. Onder andere de spelshow <a href="http://whowantstobe.co.uk/" target="_blank">Who wants to be?</a> Een spel dat ontwikkeld werd omdat de Talkaoke meer en meer gevraagd werd om ingezet te worden voorbeslissingsmomenten. Daarvoor is de Talkaoke echter niet geschikt, omdat de Talkaoke een circulair proces volgt, en daardoor niet geschikt is voor het maken van keuzes. Daarvooris dan de spelshow <em>Who wants to be?</em>ontwikkeld. Dit idee ontstond vanuit de bekende spelshow <em>Who wants to be a millionaire</em>, waarbij het publiek hetin 98,9% van de vragen juist heeft. Dat idee hebben is vervolgens toegepast op een game: het publiek mag meespelen en mee de regels bepalen. De enige regel is dat de meerderheid beslist.</p>
<p><a rel="attachment wp-att-1657" href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/workshop-performance-saul-albert/attachment/park_mouseover"><img class="alignleft size-medium wp-image-1657" title="park_mouseover" src="http://www.participatiemedia.be/wp-content/uploads/park_mouseover-300x184.jpg" alt="" width="300" height="184" /></a>Een voorbeeldproject is droompark <a href="http://youtu.be/2R6KgWegfUs " target="_blank">‘Chapelfield of Dreams’ </a>, waarbij het publiek betrokken wordt bij de ontwikkelingvan het buurtpark. Interessant was dat  nieuwe allianties in de buurt ontstonden naar aanleiding van het project. Er vormden zichallerlei coalities, van de lokale alcoholisten en natuurliefhebbers en bijvoorbeeld mensen met een fysieke beperking en jonge vrouwen. Allerlei mensen gaan met of tegen elkaar in. Het spelelement van stemmen is alleen een platform. Het spel wordt ingezet om de interactie met elkaar aan te gaan. Het publiek ontwerpt doormiddel van stemmen de plannen en stemt vervolgens welke plannen uitgevoerd gaan worden. Een moeilijkheid aan de huidige projecten is om de speluitkomsten ook werkelijk te laten uitvoeren. Het loopt vaak stuk op regelgeving van de overheid of omdat niemand de verantwoordelijk neemt.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/workshop-performance-saul-albert/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Participatieve onderzoeksmethoden &#8211; Liesbeth Huybrechts</title>
		<link>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/participatieve-onderzoeksmethoden-liesbeth-huybrechts</link>
		<comments>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/participatieve-onderzoeksmethoden-liesbeth-huybrechts#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 05 Apr 2011 22:46:52 +0000</pubDate>
		<dc:creator>laura</dc:creator>
				<category><![CDATA[Postgraduaat]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.participatiemedia.be/?p=1635</guid>
		<description><![CDATA[Tijdens deze bijeenkomst van het Postgraduaat starten we een nieuwe module: Participatieve methoden en co-creatie. Liesbeth Huybrechts organiseert deze module, waarin verschillende methodes om participatief en in co-creatie met het publiek te werken, worden besproken en uitgediept. Ter inleiding van &#8230; <a href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/participatieve-onderzoeksmethoden-liesbeth-huybrechts">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Tijdens deze bijeenkomst van het Postgraduaat starten we een nieuwe module: <a href="http://participatiemedia.wikispaces.com/Participatieve+Methoden+en+co-creatie" target="_blank">Participatieve methoden en co-creatie</a>. Liesbeth Huybrechts organiseert deze module, waarin verschillende methodes om participatief en in co-creatie met het publiek te werken, worden besproken en uitgediept. Ter inleiding van deze module wordt een korte inleiding op wetenschappelijke onderzoeksmethoden gegeven. Grof geschetst zien we in wetenschappelijke onderzoek een tweedeling in kwantitatief en kwalitatief onderzoek. In deze module zullen we ons vooral toespitsen op kwalitatieve methoden.</p>
<p>Ter oriëntatie en uitwisseling starten we met de huidige kennis en ervaring van de deelnemers van diverse methoden die ze nu gebruiken in de praktijk binnen de eigen organisaties. Een divers palet van methoden en tools worden voorgesteld. <span id="more-1635"></span>Variërend van observaties, focusgroepen, enquêtes, workshops, usability tests, customer journey maps, interviews, mapping, creatie van toekomstscenario’s, uitleen- of ticketanalyses, World cafés, … .</p>
<p>Bij deze opsomming vallen twee dingen op. Enerzijds dat er nog veel gebruik wordt gemaakt van min of meer ‘klassieke’ onderzoeksmethoden zoals de enquêtes en focusgroepen. Anderzijds zien we dat er ook al meer en meer kwalitatieve methodes worden toegepast in vergelijking tot een tiental jaar geleden. Visuele methoden en participatieve methoden doen dus langzaamaan hun intrede, bijvoorbeeld in onderzoek met betrekking tot de architectuur en de ruimtelijke ordening. Huybrechts bepleit een bredere toepassing van visuele en participatieve methoden in het culturele werkveld. Methoden die vertrekken vanuit design en design denken.</p>
<p>Kennis wordt doorgaans buiten de creatieve disciplines gesitueerd. Wetenschap heeft het ‘alleenrecht’ op onderzoek. Dit is een dominant paradigma, maar dit is aan het veranderen (onder andere onder invloed van de academisering van het kunstonderwijs). Grenzen tussen expert en publiek zijn niet meer zo streng als vroeger.</p>
<p>Design als onderzoeksmodel heeft heel wat componenten. De designwerkwijze kenmerkt zich door het probleem te identificeren en vervolgens het probleem op te lossen. Dit is een circulair proces; het eerste ontwerp wordt verfijnd, uitgebreid, herschikt, getest bij gebruikers, aangepast, hersteld en zo wordt het ontwerp steeds verder verbeterd. In tegenstelling tot het klassieke wetenschappelijke onderzoeksmodel, dat vaker theoretisch en exploratief is, is design meer oplossingsgericht en speelt daardoor korter op de bal. Een vage probleemstelling is vaak het uitgangspunt. Via designmethoden kan je het probleem speels aankaarten en verder uitdiepen. Door middel van constructief denken ga je proberen het probleem direct aan te pakken, samen met je doelgroepen, en niet zoals in wetenschap helemaal het idee uitsplitsen en theoretiseren. Niet-verbale methoden staan centraal in designonderzoek. Observaties in de praktijk van het non-verbale gedrag, geven vaak meer informatie dan bijvoorbeeld enquêtes. Dit maakt design als onderzoeksmodel bijzonder geschikt voor het toepassen in de praktijk.</p>
<p>Vervolgens licht Huybrechts de opkomst van een open onderzoekscultuur toe. Centraal in een open onderzoekscultuur staat dat alle mogelijke invalshoeken met elkaar gecombineerd worden. Methoden staan niet vast (enquête is niet meer heilig). Je kan je methode nu zelf vormgeven. Ad hoc en pluraliteit staan centraal. Bovendien staat het delen van kennis centraal.</p>
<p>In deze module ‘participatieve methoden en co-creatie’ leren we om zelf methoden te ontwerpen die we zelf binnen de eigen organisaties kunnen gebruiken. Bij de methode die we ontwerpen, gaan we het eigen publiek als vreemd beschouwen om zo een zekere afstand te kunnen nemen. Als voorbeeld haalt Huybrechts het onderzoek naar Nacirema’s aan, dat diverse antropologen en sociologen  toepassen om hierbij het gekende gedrag van Amerikanen als vreemd te benaderen om zo meer te leren over Amerikanen.  Ook Victor Papanek doet deze denkoefening door een auto voor een ‘alien’ te ontwerpen.</p>
<p>We doen tijdens de les een korte oefening om zelf een methode te ontwerpen gebaseerd op kennis van bestaande methoden. We bedenken een werkmethode die we ooit zelf hebben gecreëerd en/of toegepast. Vervolgens situeren we deze methode voor de gekende doelgroep en de ‘aliën’ doelgroep. Op basis van die korte oefening in de les is het de bedoeling om tegen de volgende les een observatieoefening te doen in de eigen organisatie. Die dataverzameling kan je doen door middel aantekeningen in boekje, fotografie, filmen, …. Het gaat om een vorm van participerende observatie en integratie. Natuurlijk deel worden van context, observeren, fenomenen zoals ze zich ‘natuurlijk’ voordoen. In business wordt deze methode ook vaak toegepast, maar dan sterk ingekort in tijd.</p>
<p>De relevantie van participerende observatie is dat het een radicaliserende invloed heeft op de praktijk. Er zijn heel veel dingen in de praktijk waarvan je denkt dat ze niet waar waren zijn maar uit de observaties wel waar blijken. (bv in bib; handigheid van dataordening op alfabet of thematisch). Zulk onderzoek kan een radicaliserende en democratische invloed hebben op praktijk en een kritische blik op sociale interactie bieden.  </p>
<p>Vervolgens zoomen we wat verder in op de verschillende soorten etnografisch onderzoek die toegepast kunnen worden. Verschillende toepassingen en voor- en nadelen van de methoden worden hierbij overlopen.</p>
<p>Zo kan je bijvoorbeeld gebruik maken van foto-etnografie; telkens foto’s nemen van hetzelfde element, bv elke dag. Dit gebruik je bijvoorbeeld als de aanwezigheid van de onderzoeker moeilijk ligt. In verslavingsonderzoek kan je bijvoorbeeld mensen zelf vragen om foto te maken van bepaalde situaties dat zin in verslaving terug komt. Nadeel is dat er veel verwerking aan vast zit; de interpretatie van de foto’s is veel werk omdat je alle foto’s moet bespreken met degene die de foto’s gemaakt heeft.</p>
<p>Etno-futurisme; voorspellingen voor de toekomst. Het observeren met de doelstelling om voorspelling richting toekomst te doen.  <a href="(http://www.dunneandraby.co.uk/content/projects/67/0)" target="_blank">Dunne&amp;Raby</a> laten zich inspireren door ‘extreme’ doelgroepen. Bijvoorbeeld mensen die bang zijn voor elektromagnetische stralingen. Vervolgend gaan ze daar design objecten voor ontwerpen. Voorzichtigheid is geboden met methode. <a href="http://en.wikipedia.org/wiki/The_Real_World" target="_blank">“Realworld”</a> etnografische enactments: populair geworden via MTV, nadeel van deze methode is de hoge kostprijs. Vergelijkbaar zijn Living Labs, maar daarbij gaat men er vanuit dat je wel in een echte leven blijft. (bv C-Mine als living lab,  testen van nieuwe technologieën, maar in gewone praktijk).</p>
<p>Personas; creatie van (klant)profielen. Zo concreet en representatief mogelijk maken. Heel gedetailleerd (wat eet hij, hoe reist hij, waar werkt hij, …). Personas maken het voor iedereen in het team heel tastbaar en concreet over welke personen/doelgroepen we spreken. Daardoor zijn veel concretere discussies en gesprekken mogelijk.</p>
<p>Digitale etnografie; veldetnografie met gebruik van digitale of online tools. Bijvoorbeeld een week observeren hoe mensen zich gedragen op je website. Niet alleen observaties in echte wereld, maar ook in virtuele wereld.</p>
<p>Contextual observatie. Periode in één (werk)context. Je gaat een week lang het gedrag van iemand waar je voor ontwerpt kopiëren, nadoen.</p>
<p>De volledige presentatie vind je <a href="http://participatiemedia.wikispaces.com/Participatieve+Methoden+en+co-creatie" target="_blank">hier</a> terug.</p>
<p>Liesbeth Huybrechts, huidig onderzoekscoördinator van de onderzoeksgroep Social Spaces (<a href="http://www.socialspaces.be/">www.socialspaces.be</a>) en aankomend vicedecaan Onderzoek van FAK, schreef haar doctoraat <em>Participatory creation is risky. A roadmap of participatory creation processes and the shifting role of creative &#8216;things&#8217;</em>. Zij deed hiervoor onderzoek naar diverse ontwerpprojecten waarbij ze analyseert hoe deze participatie en cocreatie tussen verschillende disciplines en dus tussen ontwerpers, gebruikers, experts en professionals mogelijk wordt gemaakt binnen een creatief proces. Op deze website kan je het doctoraat bestellen of online lezen; <a href="http://www.participatorycreation.net/">www.participatorycreation.net</a>.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/participatieve-onderzoeksmethoden-liesbeth-huybrechts/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Projectmanagement &#8211; Ann Laenen</title>
		<link>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/projectmanagement-ann-laenen</link>
		<comments>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/projectmanagement-ann-laenen#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 05 Apr 2011 20:07:26 +0000</pubDate>
		<dc:creator>laura</dc:creator>
				<category><![CDATA[Postgraduaat]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.participatiemedia.be/?p=1639</guid>
		<description><![CDATA[In het tweede deel van deze les van het Postgraduaat starten we met projectmanagement. Ann Laenen vertelt vanuit haar eigen ruime praktijkervaring met projectmanagement en veranderingsmanagement over het succesvol verloop van projecten. Aan de hand van verschillende praktijkvoorbeelden licht Ann &#8230; <a href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/projectmanagement-ann-laenen">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>In het tweede deel van deze les van het Postgraduaat starten we met projectmanagement. Ann Laenen vertelt vanuit haar eigen ruime praktijkervaring met projectmanagement en veranderingsmanagement over het succesvol verloop van projecten.</p>
<p>Aan de hand van verschillende praktijkvoorbeelden licht Ann Laenen toe hoe je als projectverantwoordelijke projecten in goede banen kan leiden. Ann Laenen heeft diverse grote en internationale projecten geïnitieerd en geleid. Deze diverse projecten waren leerrijk en boeiend, maar natuurlijk verlopen projecten nooit zonder slag of stoot. In deze les worden praktische <a href="http://participatiemedia.wikispaces.com/Nieuwe+media+%28niet%29+in+mijn+organisatie" target="_blank">tricks and tools </a>aangeboden, ter ondersteuning van de eigen projecten van de deelnemers van het postgraduaat.</p>
<p><span id="more-1639"></span></p>
<p><a rel="attachment wp-att-1640" href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/projectmanagement-ann-laenen/attachment/projectmanagement"><img class="alignnone size-medium wp-image-1640" title="projectmanagement" src="http://www.participatiemedia.be/wp-content/uploads/projectmanagement-214x300.jpg" alt="" width="214" height="300" /></a></p>
<p>In de les komen de verschillende fases binnen het projectmanagement aan bod. Per fase duidt Laenen de belangrijkste elementen. Het boek ‘Projectmanagement in techniek’ van Olusegun Faniran is een overzichtelijk naslagwerk.</p>
<p>Voorbereiding</p>
<p>Tijdens de initiële en voorbereidende fase staat het in kaart brengen van doelstellingen centraal. Je brengt in kaart wat je bronnen zijn, welke tools je kan benutten, wat je einddoelen en eindresultaten zullen zijn. Je maakt dus een opdeling van de belangrijkste fases in het project, met mogelijke deadlines.</p>
<p>Communicatie</p>
<p>Een van de belangrijkste elementen in een succesvol project is de communicatie. Duidelijk en helder formuleren is daarom essentieel. Doelstellingen moeten daarom altijd duidelijk op papier staan, zodat er geen discussies mogelijk zijn. Communicatie over het project (extern -&gt; communicatieplan) en communicatie binnen het project (intern communicatieplanà taakverdeling en wie neemt op welk moment beslissingen). Dus als projectmanager moet je managementskills hebben: coördineren, plannen, weten aan wie je werk doorgeeft, timemanagement.</p>
<p>Planning</p>
<p>Voor de planning van de activiteiten worden verschillende handige tools aangereikt om de timing, budgettering, resources, taakverdeling, doelstellingen, toleranties, etc. bij te sturen. Goed projectmanagement vergt dus heel veel voorbereiding en planning. Als het goed op de rails zit, is het een kwestie van afchecken. Er moet dus financiering zijn voor de projectvoorbereiding. Belangrijk is ook om het beslissingsrecht te bespreken en dit vast te leggen in projectprotocol of scenario. Projecten kan je uitrafelen; Welke werkpakketten zijn er? Welke taken horen bij elkaar en die kan je apart afkaderen en eigen deadlines geven. Ook ene pakket volgt wellicht het andere project op. Hoe gedetailleerder, hoe gemakkelijker je personeel kan plannen. Welke activiteit moet eerst en welke volgt op. Nodig voor planning personeel en budgettering. Deze losse onderdelen zijn gemakkelijker te budgettering. Voor dit uitrafelen worden verschillende tools aangeboden, zowel online als open source. In de <a href="http://participatiemedia.wikispaces.com/Nieuwe+media+%28niet%29+in+mijn+organisatie" target="_blank">presentatie </a>worden een aantal verschillende handige tools nader toegelicht (zie documenten bij les 3).</p>
<p>Evaluatie</p>
<p>Belangrijk is om de evaluatie van het project te starten we vanaf het begin. De evaluatie wordt daarmee een handige tool om je risico’s in te schatten. Daarom wijst Laenen bijvoorbeeld ook op het belang van een alternatief plan. Het inschatten en in kaart brengen van de gevaarlijke punten in het project; met betrekking tot bijvoorbeeld je benodigde materialen, je toeleveranciers, etc. en het oplijsten van mogelijke alternatieven zorgt ervoor dat je beter voorbereidt bent op mogelijke tegenslag.</p>
<p>De slotfase is niet alleen de oplevering. Alleen met een goede documentatie en evaluatierapporten kan je het project volledig afsluiten.</p>
<p>Ook structurele organisatieprocessen kan je bekijken als projecten. Dat projectmatig denken kan je inbrengen in je organisatie. Om altijd kritisch te reflecteren. Je moet je evaluatie en documentatie meenemen vanaf start project. De goede dingen moet je kunnen meenemen in je projecten van de toekomst.</p>
<p>Binnen projecten is wel bepaalde hiërarchie nodig, maar dat hoeft niet een hele strikte hiërarchie te zijn. Klassieke structuren zijn vaak meer hiërarchisch. Hierbij kan de doorstroom van informatie moeilijk zijn. Maar bij beslissingen is de hiërarchie nodig à iemand moet de knopen doorhakken. Soms durven bazen geen beslissingen te nemen, wat zorgt voor enorme frustraties in de rest van de organisatie. Soms worden beslissingen gemaakt door middenkader; maar als het mis gaat dan rollen daar de koppen. Als verantwoordelijke kan je je vergissen, je zal dan moeten bijstellen of toegeven dat je een verkeerde keuze hebt gemaakt. Het gebeurt echter veel dat eindverantwoordelijken de beslissingen helemaal niet maken. Als projectverantwoordelijke moet je niet emotioneel betrokken raken, want dan ga je ten onder. Je moet je grenzen stellen; wat waren mijn taken hier? Wat moet er gebeuren? Je moet delegeren, want dan heb je als eindverantwoordelijke je handen vrij om terug te koppelen, te coachen, moeilijke dingen op te lossen, hete aardappels uit het vuur te halen en met de mensen bezig te zijn.</p>
<p>Grote veranderingen moeten deels gecoördineerd worden vanaf boven en groeien vanaf beneden. Het is het zoeken naar de balans tussen jouw visie en de input van onderaf. Wanneer hak je knopen door, waar laat je ruimte voor input.</p>
<p>Ann Laenen studeerde kunst- en theaterwetenschap aan de KU Leuven en behaalde haar PhD op een proefschrift over publieksbeleid binnen een culturele instelling in een Europese context. Vanaf 2002 is zij actief als freelance consultant communicatie &#8211; en management. Vijf jaar lang samen met Stefan Kolgen binnen K&amp;L bvba, sinds 2008 solo rond de pijlers, cultuurcommunicatie &amp; nieuwe media, onderzoek en management. Zo werkte ze communicatieplannen uit voor onder meer het Timefestival in Gent en het KMSK in Antwerpen en was ze betrokken bij de online communicatie van het Klarafestival. En leidde zij organisatorisch en praktisch het leertraject e-cultuur en interculturaliteit voor de beleidscel van CJSM. Verder begeleidde ze een kwalitatief en kwantitatief publieksonderzoek. Naast onderzoek en communicatieadvies is zij ook als interim manager en projectcoördinator actief. Ze was interim directeur voor Antwerpen Open vzw (2004-2005) en heeft zij in 2008 één van de flagship projects van het Europees jaar van de Interculturele dialoog gemanaged. Sinds 2010 is zij (adjunct)-departementshoofd Media &amp; Design Academie in Genk.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/projectmanagement-ann-laenen/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>The internet of things &#8211; Rob van Kranenburg</title>
		<link>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/the-internet-of-things-3e-sessie-pg</link>
		<comments>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/the-internet-of-things-3e-sessie-pg#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 01 Mar 2011 18:35:28 +0000</pubDate>
		<dc:creator>laura</dc:creator>
				<category><![CDATA[Postgraduaat]]></category>
		<category><![CDATA[internet of things]]></category>
		<category><![CDATA[privacy]]></category>
		<category><![CDATA[rfid]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.participatiemedia.be/?p=1616</guid>
		<description><![CDATA[Tijdens de derde bijeenkomst van het postgraduaat liet Rob van Kranenburg de deelnemers aan het postgraduaat kennismaken met de wereld van ’the internet of things’. Rob van Kranenburg is een van de voortrekkers van ‘ the internet of things’, zo &#8230; <a href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/the-internet-of-things-3e-sessie-pg">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Tijdens de derde bijeenkomst van het postgraduaat liet Rob van Kranenburg de deelnemers aan het postgraduaat kennismaken met de wereld van ’the internet of things’. Rob van Kranenburg is een van de voortrekkers van ‘ the internet of things’, zo maakt hij onderdeel uit van de betreffende denktank <a href="http://www.theinternetofthings.eu/" target="_blank">‘ the internet of things’.</a> Als innovatieconsultant houdt hij zich bezig met onderhandelingsstrategieën voor nieuwe technologieën. Ook onderzoekt hij de voorwaarden voor een duurzame culturele economie. De afgelopen jaren werkte hij bij verschillende culturele organisaties, zoals Waag Society, Doors of perception en Virtual Platform. Daarnaast is hij als docent actief in verschillende kunst- en design academies in Nederland en België.<span id="more-1616"></span></p>
<p><strong>The internet of things</strong></p>
<p>Rob van Kranenburg schetst ons een nieuwe wereld waarin een enorme toegenomen connectiviteit werkelijkheid is geworden. Mensen omringen zich met tools and gadgets waarin ze met elkaar communiceren of hun locatie kunnen bepalen, zoals bijvoorbeeld ‘smartphones’ en navigatiesystemen. RFID, Mac-adressen, QR codes, IPv6 zijn er al overal: denk aan je badge waar je mee incheckt bij een werkgever, de dierenchip, een flesje water, antidiefstal labels, bibliotheekboeken, etc. Daarnaast zijn er al tal van toepassingen waarbij producten zelf informatie versturen door middel van RFID tags om bijvoorbeeld aan te geven dat winkelrekken aangevuld moeten worden of om geautomatiseerd douanecontroles uit te kunnen voeren. Producten die digitaal aanspreekbaar zijn, kunnen zelf ook communiceren. Dit biedt bijvoorbeeld mogelijkheden voor de E-health; observerende technologie die waarschuwingen kan verzenden. In het internet of things gaat alles ‘getracked’ en ‘getraced’ worden. Wat betekenen deze ontwikkelingen voor onze maatschappij en de rol die deze producten spelen in ons leven? Welke toepassingen bieden deze technologieën voor onze samenleving?</p>
<p><strong>Transparantie</strong></p>
<p>Rob van Kranenburg laat zien waar de knelpunten liggen in deze nieuwe ontwikkelingen. Hoewel we inmiddels gewend zijn om apparaten te hebben om continue te communiceren en om onze locatie te bepalen (navigatiesystemen), zijn deze apparaten meer en meer ‘black boxes’ aan het worden. De infrastructuur is volledig in handen van een klein aantal bedrijven en eindgebruikers hebben nog maar weinig controle en kennis van de werking. In plaats van een grootschalig ontwerp voor deze toegenomen connectiviteit uit te tekenen, wordt de infrastructuur ontwikkeld door private bedrijven vanuit bestaande businessmodellen. Dat zorgt voor een inefficiënt gebruik van middelen en de grote versnippering leidt tot een gebrek aan transparantie.</p>
<p><strong>Agency</strong></p>
<p>Tegelijkertijd  met deze technologische ontwikkelingen zien we ook dat de oude machtstructuren veranderen. Kritische functies die traditioneel in handen van de staat lagen, verschuiven naar eigen autonomie. Onze maatschappij, onze staten, zijn niet meer zelfsturend doordat instrumenten zijn verkocht (geprivatiseerd) en het geld (euro) en wetgeving Europees zijn geworden. Je ziet dat in reactie op deze ontwikkelingen meer en meer mensen zich terugtrekken uit de maatschappij en zichzelf gaan organiseren. Omdat mensen meer en meer toegang krijgen tot informatie, en hiermee agency opbouwen (agency is de kennis en het vermogen om zelf te handelen), wordt dit voor het eerst in de geschiedenis ook echt mogelijk.</p>
<p>Onder invloed van het internet krijgen individuen bovendien meer inzicht bij de ontwikkeling van protocollen. Vroeger werden deze protocollen bepaald door een kleine groep mensen. Maar bij de ontwikkeling van het internet of things zie je dat dit meer en meer met inspraak van eindgebruikers gebeurt. Eindgebruikers stellen kritische vragen over de gevolgen van de invoering van deze grootschalige ‘track en trace’ technologieën uit bezorgdheid om privacy. Voorbeeld hiervan is het C.a.s.p.i.a.n. initiatief dat succesvol de RFID opmars wist te stoppen bij een grote winkelketen (<a href="http://www.spychips.com/" target="_blank">http://www.spychips.com/</a> ). Onze agency voelt heel sterk, maar is tegelijkertijd heel kwetsbaar. Het ontbreekt veel gebruikers aan kennis van de technologie. Door het besef dat we afhankelijk zijn van technologie maar geen invloed meer op de infrastructuur kunnen uitoefenen ontstaat onbehagen over deze ontwikkelingen.</p>
<p><strong>Privacy</strong></p>
<p>Er wordt steeds meer data verzameld, met meer mogelijkheden. Een belangrijke vraag is wie invloed heeft op de richting waar we op gaan? Zijn dat naties? Staatshoofden? De EU? CEO’s van bedrijven? Of mensen in de wijken zelf? Technologie die zo’n grote impact op het dagelijks leven heeft, moet volgens Kranenburg, van de eindgebruikers zelf zijn. Dus open source is een belangrijk gegeven. We zien echter momenteel dat nieuwe technologie toepassingen meer en meer ontransparante black boxes worden. Door de enorme toegenomen dataopslag en dataverzameling ontstaat er ook ongerustheid over onze privacy. Wie kan bij onze data? Alleen commerciële partijen, overheden, de politie? Bovendien is de vraag wat het betekent als al die verschillende informatiestromen aan elkaar verbonden worden. Dat kan enorm veel kennis opleveren, maar wat betekent dat voor onze privacy?</p>
<p><strong>Ethiek</strong></p>
<p>Nieuwe technologie biedt verschillende mogelijkheden om ons te (re)organiseren. Mensen zoeken immers altijd naar toepassingen van de technologische middelen die hen omringen. Dus is het logisch om nu te zoeken naar een nieuwe vorm van samenleving en maatschappij. Deze scenario’s leven inmiddels al bij huidige ministeries. Ze spelen er op in door middel van open government projecten en openbaar stellen van data, maar op een gegeven moment raken dit soort ontwikkelingen aan de grenzen van het staatsbelang en zullen overheden zich niet verder openstellen.</p>
<p>Denkers en filosofen zijn nodig om de ethiek rond deze ontwikkelingen te beschermen en naar voren te schuiven. Rob van Kranenburg licht toe dat hij het ‘hardcore’ activisme heeft opgegeven, ten gunste de mogelijkheid invloed te kunnen uitoefenen op de ontwikkeling van the internet of things. De denktank the internet of things (<a href="http://www.theinternetofthings.eu/" target="_blank">http://www.theinternetofthings.eu/</a>), waar Kranenburg deel van uitmaakt, wil zo continue de menselijke maat in de nieuwe technologische ontwikkelingen benadrukken.</p>
<p>Voor een uitgebreide beschrijving van de mogelijke impact van ‘the internet of things’ op ons dagelijks leven lees je de publicatie: ‘Het Internet der Dingen, wat is het? Een dag uit het leven van een gezin in het Internet der Dingen’ van Rob van Kranenburg. Op de website <a href="http://www.theinternetofthings.eu/" target="_blank">http://www.theinternetofthings.eu/</a> vind je meer informatie en publicaties.</p>
<p>Module Tools&amp;Skills</p>
<p>Het tweede luik van deze dag stond in het teken van de toepassing van verschillende tools om samen te werken, (grote)documenten te delen en het gebruik van onder andere wiki’s. Danny Leen levert zo tal van praktische aanwijzingen ter voorbereiding van de diverse social media projecten van de deelnemers aan het postgraduaat. Bovendien kan de kennis gelijk toegepast worden voor de Wiki van participatiemedia (<a href="http://participatiemedia.wikispaces.com/" target="_blank">http://participatiemedia.wikispaces.com/</a> ).</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/the-internet-of-things-3e-sessie-pg/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Social Media has never been so new &#8211; Niels Hendriks</title>
		<link>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/social-media-has-never-been-so-new-niels-hendriks</link>
		<comments>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/social-media-has-never-been-so-new-niels-hendriks#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 08 Feb 2011 15:21:11 +0000</pubDate>
		<dc:creator>laura</dc:creator>
				<category><![CDATA[Postgraduaat]]></category>
		<category><![CDATA[social media]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.participatiemedia.be/?p=1669</guid>
		<description><![CDATA[In de derde les van het Postgraduaat toont Niels Hendriks aan de hand van de geschiedenis van sociale media aan dat er geen sprake is van een compleet nieuw fenomeen en gaat hij in op verschillende aspecten van privacy. Niels &#8230; <a href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/social-media-has-never-been-so-new-niels-hendriks">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>In de derde les van het Postgraduaat toont Niels Hendriks aan de hand van de geschiedenis van sociale media aan dat er geen sprake is van een compleet nieuw fenomeen en gaat hij in op verschillende aspecten van privacy. Niels Hendriks is docent en mastercoördinator bij C-md. Daarnaast is hij als onderzoeker verbonden aan de onderzoeksgroep Social Spaces. Zijn onderzoek richt zich op projecten rond online burgerjournalistiek, textiel, sociale media, internet of things, open design en design voor dementie.</p>
<p><strong>Drie visies</strong></p>
<p>Sociale media fungeert als een koepelterm voor online activiteiten die je samen kan doen, voorbeelden zijn twitter, facebook, youtube. Sociale media staan momenteel volop in de belangstelling en er bestaan verschillende visies waar sociale media onze wereld zullen brengen.</p>
<p>Techno-utopisten denken dat sociale media de wereld mooier gaan maken en bijdragen aan de participatie aan het democratische systeem. Techno-dystopisten zien sociale media als bedreiging voor de sociale/culturele/politieke/economische situatie. Tot slot heb je dan ook de techno-realisten, die nuanceren beiden visies over de impact van sociale media en zoeken daarmee naar de echte waarde van sociale media.<span id="more-1669"></span></p>
<p>Het is zinvol om je te verdiepen in sociale media en de participatieve werking omdat het belangrijk is om te weten hoe je technologie sociaal kan inzetten, hoe je kan werken aan mediawijsheid en het bijdragen aan ethiek. Dit is nodig om de toekomstige generatie klaar te maken voor onze nieuwe wereld.</p>
<p><strong>Evolutie</strong></p>
<p>Hendriks schetst aan de hand van een overzicht van de ontwikkeling van nieuwe media dat er sprake is van een evolutie in nieuwe media, maar dat vergelijkbare vormen al lang bestaan. Bovendien is ook de weerstand of het verzet tegen ‘nieuwe media’ van alle tijden. Een illustratief voorbeeld is de opkomst van de platenspeler, waar Larry Lessig het volgende over verzuchtte: “These Talking Machines are going to ruin artistic development of music in this country. When I was a boy, in front of every house in the summer evenings you would find young people together singing the songs of the day, or the old songs. Today you hear these infernal machines going night and day.”</p>
<p>Zo was het belang van de sociale dimensie groot bij de grondleggers van het internet. Zij waren op zoek naar een betere manier om informatie te delen, door verbindingen te leggen. Hendriks toont aan de hand van verschillende historische voorbeelden aan hoe het internet zich heeft ontwikkeld tot het huidige systeem.</p>
<p><strong>Definitie sociale media</strong></p>
<p>Op basis van de uitspraken van Kevin Kelly, Stowe Boyd, Lee Lefever, Wikipedia &amp; Robert Scoble over Sociale Media kan je de volgende definitie formuleren: Sociale media is nieuw, gelinked aan (nieuwe) media en meer specifiek aan internet, een radicale omwenteling tov het verleden, meer open als de traditionele media en daardoor meer verstorend, en zal een zelfs betere wereld gaan creëren.</p>
<p><strong>3 Ontwikkelingsfasen</strong></p>
<p>Levinson beschreef al dat elk medium in de ontwikkeling drie opeenvolgende fases doorloopt: spelà spiegelà kunst. Dit zien we duidelijk ook in de ontwikkeling van nieuwe media toepassingen. De spelfase staat gelijk aan de gadget fase. Bij de opkomst van de cinema was het bijvoorbeeld genoeg om een camera op te stellen, mensen te filmen en vervolgens de bewegende beelden te vertonen was genoeg. Een vergelijkbaar fenomeen zagen we bij de opkomst van het internet; iedereen wilde zijn eigen homepage. Bij de I-Pad zie je dat er eerst gewoon pdf’s van de krant online worden gezet.</p>
<p>Na deze fase komt de ‘mirrorfase’. Hierbij zien we een spiegeling van realiteit aan de hand van observerend werken. De realiteit wordt weergeven. Na deze fase komt de experimentele fase, de Art-fase. Experimenteren met de taal van het medium wordt belangrijk. Internet bevindt zich nu meer en meer in deze ‘artfase’ . Ontwikkelingen zoals smartphones en Youtube wakkeren die experimentele fase steeds meer aan. Belangrijk gegeven bij het internet dat het delen heel belangrijk is, vaak nog belangrijker dan de content an sich. Je vindt iets leuk en kan het verspreiden, tal van applicaties spelen daar vervolgens handig op in.</p>
<p><strong>Sociaal en globaal?</strong></p>
<p>De huidige nieuwe media kenmerkt zich met veel goedklinkende namen (web 2.0, internet highway, cyberspace, social media). Dit is vooral retoriek van vernieuwing, verhalen die nodig zijn om de verspreiding te bevorderen. Die huidige retoriek van vernieuwing is gelijk aan het propagandisme van bijvoorbeeld het futurisme of socialisme. Manovich meent dat social media niet meer zijn dan ruimte om met elkaar te communiceren en elkaar te ontmoeten, aan de hand van foto’s en filmpjes.  Dit staat gelijk aan de actie van het delen van voetbalplaatjes: meedoen en ruilen is belangrijker dan de content.</p>
<p>De huidige sociale netwerken zijn publiek of semipubliek binnen gesloten systemen. Het aantal connecties zijn belangrijk, maar in plaats van netwerken gaat het om het expliciteren van je sociale netwerk. De meeste sociale media tools zijn met name self referential. Het zijn vaak narcistische omgeving: wie ben ik en hoe toon ik dat aan anderen? En het gaat heel weinig over connecteren. Er is het idee van een ‘wij’: terwijl 90% van de berichten is afkomstig van slechts 1% van de gebruikers. Bovendien is er sprake van een internationale paradox: ontwikkelingslanden leveren niet genoeg op voor reclamemakers. Maar er zijn wel kosten verbonden aan het laten functioneren van sociale media. Daarom zijn er aangepaste versies (light version) voor bv. Afrika.</p>
<p><strong>Privacy</strong></p>
<p>De centrale vraag bij de sociale media is: Van wie is de content? Gebruikers zijn gedeelte van fabriek: als onbetaalde arbeiders werken ze mee om aandacht om te zetten in geld. Bovendien is het privacy gegeven (normen, waarden) cultureel en historisch afhankelijk en verschuift dit in de loop van de tijd. Digitalisering ontwikkeld soort ‘appartementindividualisme’: wat laat je toe in je privéleven en wat niet. Customized cocooning.  Privacy is gelinkt aan openbare en transparante en eerlijkheid (versus geheimhouden volgens google en facebook). Privacy gaat zich verhouden tot het zwijgen: wat ga je wel voor jezelf houden, en wat niet. Zo bouw je je eigen ik op. Je bent een creatie van jezelf online. Confidentialiteit en zelfonthulling. Geheimen delen is problematisch geworden met facebook: alles wordt immers vastgelegd. Tegelijkertijd ontstaat er een algemene irritatie door de overvloed aan onzin informatie die we ontvangen. Uit onderzoeken blijkt dat users zijn niet bezorgd over ‘institutional privacy’; dus wat gebeurt er met je gegevens bij bedrijven. Wel belangrijk is sociale privacy: hoe wordt je voorgesteld (imago). Er is bezorgdheid over het gebrek aan controle.</p>
<p>Je onttrekken aan sociale media om zo je privacy te beschermen is geen oplossing. Maar meer inbreng en invloed van gebruikers in nodig (waar blijft de vakbond voor social media gebruikers?). Bovendien valt er wel wat af te dingen op de huidige normen en waarden van de grote monopolisering van de sociale netwerken. Succesvolle sociale media ontwikkeld van zichzelf. Dus je kan pas systemen maken met voldoende overleg met de gebruikers. Goed voorbeeld: Flickr: ontstaan vanuit the never ending game geëvolueerd naar een fotosite. Het is een continue zoeken naar evenwicht van de bedrijfsvisie en gebruikersvisie.</p>
<p><strong>Open design</strong></p>
<p>Voor goede sociale media die zelfstandig kan groeien is het nodig om bricolage, assembly, customizations, remixing mogelijk te maken voor gebruikers. Daarvoor is voldoende openheid nodig. De toekomst is een ontwikkeling van generatieve technologie tot appliancized technologie, technologie die gebruikers kunnen aanpassen en regenereren. Momenteel zie je echter een tegengestelde beweging bij organisaties en bedrijven. Bijvoorbeeld de I-phone applicaties zijn volledig afgeschermd. Als je toch kraakt volgt een automatische blokkering van het systeem. Terwijl Apple ooit het meest open, hippie, bedrijf was, zien we nu een monopolisering van systemen. Media worden dan ook minder sociaal.</p>
<p><strong>Opdracht</strong></p>
<p>Om zelf te ervaren wat het inhoud voor jouw toekomstige gebruikers van je nieuwe media tools krijgen de deelnemers aan het postgraduaat de opdracht om de komende maanden te überparticiperen aan sociale media. De idee is om een reflectie op de participatie proberen bij te houden om zo te leren hoe het werkt. Bovendien is het leerzaam om te ervaren hoe moeilijk het is om enthousiasme te creëren bij je publiek. Je leert codes van de verschillende media en leert hoe je effect kan ressorteren en kan manipuleren. De ervaringen met deze überparticipatie worden besproken in het postgraduaat en via de Wiki participatiemedia.</p>
<p>De volledige presentatie is te <a title="social media has never been so new" href="http://www.slideshare.net/postgraduaatMC/social-media-has-never-been-so-new-6864340" target="_blank">hier</a> te vinden.</p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/social-media-has-never-been-so-new-niels-hendriks/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Cultuur, media en samenleving &#8211; Dick Rijken</title>
		<link>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/cultuur-media-en-samenleving-dick-rijken</link>
		<comments>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/cultuur-media-en-samenleving-dick-rijken#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 25 Jan 2011 18:47:59 +0000</pubDate>
		<dc:creator>laura</dc:creator>
				<category><![CDATA[Postgraduaat]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.participatiemedia.be/?p=1620</guid>
		<description><![CDATA[Voor de tweede les van het postgraduaat op dinsdag 25 januari nodigden we Dick Rijken uit om een toelichting te geven vanuit zijn expertise als consultant digitale cultuur en nieuwe media voor verschillende instellingen en organisaties. Hij is voorzitter van &#8230; <a href="http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/cultuur-media-en-samenleving-dick-rijken">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Voor de tweede les van het postgraduaat op dinsdag 25 januari nodigden we Dick Rijken uit om een toelichting te geven vanuit zijn expertise als consultant digitale cultuur en nieuwe media voor verschillende instellingen en organisaties. Hij is voorzitter van de commissie eCultuur van de Raad voor Cultuur in Nederland en adviseur voor de EU. Daarnaast is hij artistiek directeur van S.T.E.I.M (<a href="http://www.steim.org/" target="_blank">http://www.steim.org/</a>), een centrum voor onderzoek en ontwikkeling voor elektronische performance kunsten.  Als docent  aan de Haagse Hogeschool is hij betrokken bij het project Waterwolf in Gouda (<a href="http://www.waterwolflab.nl/" target="_blank">http://www.waterwolflab.nl/</a>), een samenwerkingsverband van de Openbare Bibliotheek Gouda, museumgoudA, het Streekarchief Midden-Holland en De Haagse Hogeschool.</p>
<p>Rijken start met een schets van de huidige informatiesamenleving waarbij mensen meer individuele kennis hebben, maar ook collectieve kennis. <img title="Meer..." src="http://www.participatiemedia.be/wp-includes/js/tinymce/plugins/wordpress/img/trans.gif" alt="" />Ze vormen gemeenschappen op het internet om ideeën en meningen uit te wisselen. Dit kan gaan van ergernissen over het lokale gemeentebeleid, het delen van kennis over hobby’s, de handel in waren, etc. Zo ontstaat er collectieve kennis, wat een krachtiger instrument kan zijn dan de stem van individuen. <span id="more-1620"></span>Terwijl mensen steeds meer belang hechten aan nieuwe media en ICT (Rijken wijst dit aan aan de had van uitgaven aan ICT) groeien toepassingen ervan bij culturele instellingen traag. Rijken pleit voor een betekenisvolle invulling van de relatie cultuur en ict. Hiertoe moet het raken aan waarden van <span style="text-decoration: underline;">samen leven</span>: zoals angst, geborgenheid, zorg, veiligheid, zingeving etc. De aangehaalde waarden zijn volgens Rijken niet nieuw maar nieuwe media kunnen leiden tot een andere beleving van deze waarden. Het is dus de opdracht om een brug tussen de drie elementen – ICT, cultuur en samen leven &#8211; te bouwen. Organisatie moeten dan nagaan wat de essentie is van wat ze doen (=de betekenis), om zo de nieuwe media tool gericht toe te passen.</p>
<p><span style="text-decoration: underline;">De cultuursector als betekenislabo van de netwerksamenleving</span>.</p>
<p>Rijken kent de culturele sector een belangrijke plaats toe. De cultuursector is de enige sector in de samenleving die primair bezig is met betekenisgeving. In de samenleving zien we een verschuiving van technologische ontwikkeling naar betekenisvolle ontwikkeling. Sectoren zoals de zorg, onderwijs, sport, veiligheid zijn allemaal op zoek naar hun plek in de huidige netwerksamenleving. Omdat alle sectoren gevoed moeten worden vanuit dit kennisdomein van betekenisgeving, verschuift cultuur naar een meer centrale plaats in de samenleving, De cultuursector, die al jaren professioneel met begrippen als ambiguïteit, subjectiviteit, complexiteit, formaliteit, etc. werkt, kan haar kennis hieromtrent breed inzetten in nieuwe samenwerkingverbanden tussen sectoren. Rijken stelt de cultuursector bijgevolg als betekenislabo van de netwerksamenleving voorop. Ze kan deze rol vervullen door samenwerking aan te gaan met andere sectoren. Veel organisaties zijn zich echter nog niet bewust van de centrale rol die cultuur is gaan innemen en weten niet hoe ermee om te gaan. Maar er is nood aan wisselwerking. In het rapport ‘e-cultuur: netwerken van betekenis’  beveelt Rijken aan instellingen te dwingen om te expliciteren met wie ze willen samenwerken. Organisaties moeten gedwongen worden om naast hun kerntaken zich te richten op netwerktaken (bv. verbinding aangaan met scholen, musea, jeugdwerkingen, etc.). Dit is een nieuwe rol voor de ‘klassieke’ instellingen. Op deze manier kan er ook aan mediawijsheid en nieuw burgerschap gewerkt worden. Het volledig rapport kan je hier downloaden: <a title="Rapport E-Cultuur" href="http://www.cultuur.nl/files/pdf/advies/advies_6f0741c2-9304-51a9-aaff-000040a85fd4_Netwerken_van_betekenis.pdf" target="_blank">rapport e-cultuur</a> .</p>
<p><span style="text-decoration: underline;">Project Waterwolf</span></p>
<p>In het project Waterwolf wordt gezocht naar betekenisvolle samenwerkingsverbanden tussen verschillende (culturele) actoren in de Nederlandse stad Gouda. Dick Rijken gaf een woordje uitleg bij een aantal projecten die in het kader van Waterwolf zijn uitgevoerd. Deze projecten zijn illustraties van een ontwikkeling waarbij (culturele) organisaties een nieuwe positie in de samenleving (moeten) innemen. Meer en meer zijn organisaties, en daarmee hun medewerkers, op zoek om hun kennis een plek (betekenis) te geven diep in de samenleving. (bijvoorbeeld een museumconservator die rondleidingen geeft in wijken en daar zijn expertise rond ‘leren kijken’ inzet). Hierbij is de erkenning van het inzetten van de intrinsieke kwaliteiten van een organisatie belangrijk: deze kwaliteit wordt gevormd door medewerkers. Over de projecten van Waterwolf is een interessante publicatie verschenen.  Het is een soort handleiding voor het projectmatig werken met nieuwe media. Die is online in pdf te downloaden via deze <a title="publicatie Waterwolf" href="http://hbo-kennisbank.uvt.nl/cgi/hh/show.cgi?fid=1727" target="_blank">link</a>.</p>
<p>Samenvatten kan gesteld worden dat er een andere relatie tussen cultuur en samenleving ontstaat. Door verbindingen te zoeken tussen cultuur en samenleving, en daarmee tussen ontspanning, reminiscentie, muziek, beeldende kunst, reflectie, expressie… aan de ene kant en wonen, werken, leren, sporten, consumeren… aan de andere kant kan je betekenisvolle relaties creëren tussen cultuur en de samenleving. Rijken geeft de deelnemers van het postgraduaat de opdracht om na te gaan op welke wijze organisaties relaties kunnen uitbouwen tussen beide. Deze opdracht kan de deelnemers ondersteunen in het uitbouwen van betekenisgeving van een eigen project. De volledige presentatie vind je <a title="presentatie Dick Rijken" href="http://www.slideshare.net/postgraduaatMC/cultuur-media-en-samenleving" target="_blank">hier</a>.</p>
<p>Module Tools&amp;Skills</p>
<p>In het tweede deel van de dag ging de module Tools en Skills van start onder leiding van Toon Gorissen. Hierin staat de praktische toepassing van nieuwe media centraal. De eerste les stond in het teken van een kennismaking met diverse social media tools en het opzetten van een persoonlijke weblog.</p>
<p>Hierbij zijn alvast de mogelijkheden en toepassingen van Delicious (<a href="http://www.delicious.com" target="_blank">http://www.delicious.com</a> , 2003), Facebook (<a href="http://www.facebook.com" target="_blank">http://www.facebook.com</a> , 2004), Flickr (<a href="http://www.flickr.com" target="_blank">http://www.flickr.com</a> , 2004), Twitter (<a href="http://www.twitter.com" target="_blank">http://www.twitter.com</a> , 2006), Vimeo (<a href="http://www.vimeo.com" target="_blank">http://www.vimeo.com</a> , 2004), YouTube (<a href="http://www.youtube.com" target="_blank">http://www.youtube.com</a> , 2005) kort besproken.  Vervolgens is er een aanvang gemaakt met het opstarten van een persoonlijke weblog om de functionaliteiten van de diverse sociale media en platforms in de praktijk te testen. Deze weblog functioneert als testplatform en ondersteuning voor de uitwerking van het eigen project van de deelnemers aan het postgraduaat.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.participatiemedia.be/postgraduaat/cultuur-media-en-samenleving-dick-rijken/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>

